Logboek · Fase 3, Rompbeplanking

Het klinkereffect

16 mei 2018 · Probleem met oplossing

Een vraag aan de ervaren bouwers. Ik blijf bij de boeg last houden van een klinkereffect. Ik heb vroegtijdig verjongd en gebruik verloren gangen waar nodig, maar wil ook niet dat de latjes tot in de hemel omhoog wijzen. Op andere fora lees ik dat spiling het oplost, maar dan moet ik walnootplanken van 1 mm dik en een paar centimeter breed aanschaffen. Dat lijkt me niet de bedoeling. Af en toe moet ik nog best duwen om de latjes op hun plaats te houden.

Pingu57 noemde spiling beplanken voor gevorderden; hij had het zelf opgelost met een extra verloren gang. Piet antwoordde uitgebreid. Het is een kwestie van op tijd en op het juiste punt verjongen, tot een halve plankbreedte of minimaal 2,5 mm aan het uiteinde. De meeste bouwers beginnen te laat. Zijn methode: elke volgende lat voor het buigen onder en tegen de vorige houden en bij de boeg voorzichtig naar de rompvorm buigen. Waar de lat over de voorgaande dreigt te gaan liggen, begint de verjonging. Dat herhaal je voor iedere lat. Dan is torderen niet meer aan de orde en zijn verloren gangen, die een stuk ingewikkelder zijn, niet nodig. Volgens Piet is het verjongen óf verloren gangen, niet beide. Spiling is verjongen naar beide kanten, zonder instekers en zonder verloren gangen: mooi maar zeer bewerkelijk, en iets waar je vanaf het begin met potloodstreepjes op alle spanten mee moet starten.

Uitsnede uit het verslag van Piet: verloren gangen én verjonging?
Uitsnede uit het verslag van Piet: verloren gangen én verjonging?
Mijn eigen verloren gang, rood gemarkeerd
Mijn eigen verloren gang, rood gemarkeerd

In Piets eigen verslag dacht ik juist verloren gangen én verjongde latjes te zien. Volgens Piet was dat een rekenfoutje, een klassiek voorbeeld van hoe het niet moet: eerst van boven naar beneden beplankt en dan halverwege vanaf de kiel, zonder vooraf met senten uit te rekenen.

Waar ik mogelijk de mist in ben gegaan: ik heb de romp niet eerst met senten in delen gesplitst. Ik verjongde op basis van de afstand tussen berghout en zandstrook, kwam op het voorste spant uit op 3,19 mm en stapte later over op 2,5 mm. Mogelijk heb ik daarmee precies de millimeters verspeeld die ik nu nodig heb. Ik baseer me vooral op de how-to van modelships-beagle.eu, die op pagina 20 ook beide methodes toepast. Zonder die combinatie kom ik helemaal niet uit.

Wat me ook verbaast, is het kleurverschil: mijn beplanking is veel donkerder dan die van Piet. Volgens hem zit er in notenhout wel eens verschil en worden de latjes na het schuren lichter.