De eerste ring
De eerste ring van het stuurwiel is klaar: tien gelijke segmenten notenhout, met epoxy aan elkaar en met gele lijm op een draaischijfje, volgens de pdf waar Stephan me op wees.

De eerste ring van het stuurwiel is klaar: tien gelijke segmenten notenhout, met epoxy aan elkaar en met gele lijm op een draaischijfje, volgens de pdf waar Stephan me op wees.

Ring nummer twee en de centerringen zijn af en de eerste spaak ligt in zijn inkepingen; Stephan raadt peren, kersen of buxus aan in plaats van noten.

Buxus besteld bij edelholzverkauf in Duitsland, en een avond spaken maken levert precies één spaak op: ze breken en het uitlijnen is een dingetje.

Nieuwe draaibeitels en het nieuwe hout komen binnen, het tempo is twee spaken per avond, en Stephan wijst op het draaien in een mal.

Een mooie spaak die te dik is of een spaak op schaal die minder fraai is: het wordt de dunne, en na een dag oefenen staat de methode met een perfect vierkant latje van 1,06 mm.

Alle tien spaken zitten in het wiel, maar bij het losmaken van het draaischijfje brak de ring op drie punten; JDS73 en Stephan weten hoe het beter kan.

Het tweede stuurwiel is af, de ringen van 0,3 mm zitten erop en de eerste staander is klaar; naast het exemplaar uit de kit is het verschil duidelijk.

Alle onderdelen van het stuurwiel zijn af en staan in de Osmo-olie; de vraag is nog of het wiel moet kunnen draaien en hoe het achterste wiel komt te staan.

Een koperen vellingband als finishing touch, historisch waarschijnlijk niet correct, en een eerste begin van het kompashuis in notenhout.

Het stuurwiel staat met touw en al vast op het dek; tussen rooster en wiel komt nog het kompashuis, en voor het wiel aan beide kanten een rooster voor de roerganger.

Het kompashuis in notenhout werd te grof en gaat opnieuw in buxus met walnotenbeits; de lantaarn en kompassen mogen maar 5 mm in diameter zijn en Herby63 tipt styreen.

Het eerste kompas (bij de tweede poging) en een lantaarn van fotopapier met een koperen dekseltje, waarvan de openingen met de snijplotter zijn gemaakt.

Het kompashuis staat met touwen op het dek; de ringetjes zijn niet vastgelijmd en de bovenkant ligt los, zodat kompas en lantaarn eruit kunnen.

De rolpaarden voor de 9-ponders komen scratch uit castellohout: de zijwangen worden op de kruistafel als trappetje gefreesd, waarbij de eerste poging te diepe treden kreeg.

De eerste tappendekplaat zit erop en de pinnen worden zonder lijm met ringetjes van 0,65 mm geborgd; het rolpaard helt naar achteren en Stephan verklaart dat uit de bolling van het dek.

Het eerste rolpaard krijgt zijn beslag en ringetjes, en sluitringen ontstaan door de kop van een messing speld kort in de draaibank te vijlen.
